koken met linzen

Koken met linzen: een trend die je versteld doet staan

Veelzijdige en gezonde peulvruchten

Linzen behoren tot de familie van de peulvruchten en komen dikwijls voor in de Afrikaanse, Aziatische en Zuid-Amerikaanse keuken. Linzen kun je op tal van manieren bereiden en komen in heel wat gerechten tot hun recht. Linzensoep en linzencurry zijn bekend, maar je kunt linzen ook verwerken in een stoofpotje, goulash, ragout of kip. Koken met linzen is trouwens niet alleen lekker, het is ook ontzettend gezond. Linzen zijn namelijk rijk aan magnesium, ijzer, calcium, koolhydraten en vitamine B.

Waarom chefs tuk zijn op linzen

Als je een kruidenierszaak binnenstapt, springen linzen meteen in het oog. En dat heeft vooral te maken met hun kleurrijke verschijning. Ze zijn verkrijgbaar in rood, geel, wit, zwart, groen, oranje, grijs en bruin. Deze waaier aan tinten maakt van linzen een populair en creatief ingrediënt dat bij heel wat chefs in de smaak valt.

Vooral de Belugalinzen worden veel gebruikt door topchefs. Ze hebben hun naam trouwens te danken aan de gelijkenis met de kaviaar die afkomstig is van de Belugasteur.      

Linzen koken: waarmee moet je rekening houden?

Als linzen nog in hun peul zitten (zoals dat bij groene en grijze het geval is), blijven ze mooi in hun vaste vorm totdat ze beetgaar zijn. Let erop dat je ze niet te lang kookt, want op die manier kan de schil openbreken. En dat zou zonde zijn, want net onder de schil zitten de meeste smaakstoffen en voedingsstoffen. Linzen die al gepeld zijn (gele, rode en witte) veranderen dan weer in een papperige substantie wanneer je ze kookt. Ideaal voor bijvoorbeeld curry’s en soep.

Tip: spoel de linzen vooraleer je ze kook en laat ze ook een uurtje in water weken. Zo moeten ze minder lang koken en verteren ze gemakkelijker.

Recept: linzensalade

Ingrediënten

  • 125 g rode, gele en Belugalinzen
  • 1 ui
  • 2 appels
  • groentebouillon
  • 2 eetlepels honing
  • 40 ml witte wijnazijn
  • 100 ml zonnebloemolie
  • 1 citroen
  • 1 eetlepel mosterd
  • 100 g lente-uitjes
  • 1 bosje bieslook
  • 250 g spek
  • zout
  • peper
Aan de slag

Kook de linzen tot ze beetgaar zijn. Hou wel rekening met de verschillende kooktijden. Snij de uien en de appels in fijne reepjes en laat ze in een beetje olie sudderen. Voeg daarna de wijnazijn aan de linzen toe. Doe wat zout, citroenschil, mosterd en honing in een kommetje en voeg het mengsel aan de linzen toe. Snij de lente-uitjes in fijne reepjes en meng ze in de salade. Breng op smaak met zout en peper en verfraai met wat bieslook. Bak het spek totdat het krokant is en dien het op met de salade.